WineNews
La Cité du Vin belicht wijn van over de ganse wereld
Op 24 mei 1976 had er in Parijs een wijnproeverij plaats. De glaasjes werden 'blind' geleegd. Dat wil zeggen: de negen juryleden, allemaal vooraanstaande wijnkenners uit Frankrijk, zagen en wisten niet wat ze dronken. Op tafel stonden wijnen uit Bordeaux en Bourgondië en - dat was nieuw - wijnen uit Californië. "Niemand nam de wedstrijd serieus", aldus journalist George Taber, die destijds als enige buitenstaander aanwezig was.
Californische wijnen: daar had nog niemand van gehoord. "Franse wijnen stonden wereldwijd op een voetstuk, ze waren heilig. Dat kwam vooral doordat de Fransen zelf altijd zeiden dat ze het beste klimaat hadden, de beste grond en de beste druiven", zei Taber vorige maand, toen hij herinneringen ophaalde in weekblad Time. De jury in Parijs proefde, vergeleek en proefde nog eens. En toen viel het oordeel. Bij de witte wijnen eindigden de Amerikaanse wijnen op de eerste, derde en vierde plaats. Bij de rode wijnen werd die uit Californië ook als beste beoordeeld. De juryleden waren verbijsterd, toen ze zagen wie ze als winnaars hadden aangewezen. De proeverij, nu 40 jaar geleden, was het startschot voor een vinologische revolutie. In Frankrijk werd de proeverij eerst doodgezwegen, daarna werd de organisatie beschuldigd van fraude en tot slot kregen juryleden kritiek over hun vermeende onkunde. In de Verenigde Staten ging juist luid applaus op. "In Nieuw-Zeeland, in Australië, in Chili, overal zeiden ze toen: dat kunnen wij ook", aldus Ted Baseler, directeur van de Amerikaanse wijnproducent die de proeverij won met zijn rode wijn.
Kop in het zand
De gevolgen zijn bekend. In de jaren '70 waren er 300 wijnmakers in Californië, nu 3.000. En bij de Franse wijnboeren gebeurde het tegenovergestelde. Italië stak Frankrijk voorbij als grootste wijnproducent, de Amerikanen drinken meer wijn dan de Fransen en Spanje heeft meer wijngaarden dan Frankrijk.
Jarenlang staken de Fransen hun kop in het zand. Zij dachten als enigen te weten dat hun wijnen wél de beste waren. Misschien waren hun wijnen (te) duur of waren de appellations onbegrijpelijk, misschien holde de verkoop achteruit, maar ze waren wel de beste. Vonden de Fransen.
Maar ook daar tekent zich nu een kentering af. Steeds meer Franse wijnboeren en sommeliers reizen de wereld af, om nieuwe markten te ontdekken òf om elders makkelijker een baan te vinden. Grote Franse chateaux zijn gedwongen internationaal te opereren. Bijna de helft van alle Bordeaux-wijnen wordt tegenwoordig geëxporteerd.
Dat de Fransen hun oogkleppen hebben afgeworpen, bewijst een museum dat deze week open ging in hét wijnwalhalla: Bordeaux. Aan de voet van beroemde wijngaarden is daar het immense La Cité du Vin verrezen. In het museum wordt wijn tentoongesteld, inclusief alle ambachtelijke en culturele aspecten, maar voor de wijnen uit Bordeaux zelf is een bescheiden hoekje ingeruimd.
"Je ziet hier hoe wijn wordt gemaakt in alle uithoeken van de wereld, van Spanje tot Australië. Je kunt wijnen proeven uit meer dan twintig landen", vertelt cultureel directeur Laurence Chesneau-Dupin, terwijl ze langs immense schermen loopt met filmbeelden van wijnvelden in Zwitserland.
Iets verderop kunnen de bezoekers hun neus testen door geuren op te snuiven van leren handschoenen, frambozen en potloodslijpsel. Ernaast wordt interactief de duizenden jaren oude geschiedenis van wijn getoond. Nergens staat Frankrijk centraal. Nergens wordt Bordeaux op een voetstuk geplaatst. "Noem het de emancipatie van Frankrijk als wijnland", zegt directeur Chesneau-Dupin. "We durven te laten zien wat de rest van de wereld te bieden heeft. We zijn in Bordeaux niet arrogant, of beter gezegd: niet meer. We zijn geen navelstaarders meer. We weten dat er meer is dan Franse wijn. Dit museum is het bewijs."
La Cité du Vin is 55 meter hoog, telt tien verdiepingen en heeft 3.000 m2 beschikbaar voor de vaste expositie en nog eens 720 m2 voor tijdelijke tentoonstellingen. Begeleiding is er in acht talen, waaronder Nederlands.
De bouw kostte 81 miljoen euro en duurde ruim twee jaar. Bijna de helft werd gefinancierd door de stad Bordeaux, nog eens 19 procent kwam van sponsors, waaronder vooral grote Franse wijnhuizen. Er worden 450.000 bezoekers per jaar verwacht.
03 Jun 2016
Auteur: Stéphane Godfroid