WineStories


WineTales - Als liefde voor wijn openbloeit in kwaliteit

Iedere drinker is heer en meester als het over wijn en lekker gaat. Voorkeuren voor geuren en kleuren vallen niet te betwisten. Deze wijsheid zorgt in verhitte situaties van meningsverschil voor comfortabele ontspanning. Ik hoef niet lekker te vinden wat die ander met zijn brilletje lekker vindt, hoe deskundig hij ook walst en hoe technisch hij ook spreekt. Smaak is iets heel individueels en ieder bepaalt voor zichzelf wat goed is en wat hij in zijn boodschappentas stopt. Lekker en kwaliteit zijn echter niet gelijk. Lekker is slechts de deur waardoor de wijn de ziel van de wijnliefhebber binnenkomt. Kwaliteit zorgt ervoor dat die wijn doordringt tot zijn diepste vezels.

Kwaliteit ligt de moderne mens nauw aan het hart. Kwaliteitsvolle groenten, kwaliteitsvol vlees, kwaliteitsvolle wijn, een kwaliteitsvolle job, een kwaliteitsvolle relatie, kortom een leven vol kwaliteit. De beleving van kwaliteit wordt binnen de neoliberale consumptiemaatschappij vergaand gemanipuleerd en gecommercialiseerd. Een uitstekende prijs-kwaliteit, is dat niet waar we allemaal naar reikhalzen? Goede kwaliteit is echter één ding, goede prijs een ander. Heb je zoveel extra plezier aan een wijn die je in de aanbieding (2 + 1 gratis) kocht? Het is het alomtegenwoordige economische denken dat ons dergelijke onzin influistert. Economie doet ons tellen en dreigt daardoor de kwaliteitsbeleving, de authentieke omgang met de dingen, te bezoedelen. Het is niet het kopen op zich of de omgang met het geld dat deugddoend dient te zijn, het is de omgang met de producten. Kwaliteit is een reclamewoordje geworden, een becijferd en uitgehold begrip, een aanfluiting van het oorspronkelijke idee.

Reclame, kwaliteitscontrole en geluk

De brede glimlach van reclamefiguranten last het begrip kwaliteit naadloos vast aan gelukkig zijn. Geluk vloeit echter zelden voort uit het zich toeëigenen van zogenaamde kwaliteitsobjecten. En buitensporig streven naar geluk mondt op zijn beurt gemakkelijk uit in verlies aan levenskwaliteit. Geluk en kwaliteit hebben met elkaar gemeen dat ze zich niet laten meten, definiëren of beheersen. Doorgedreven kwaliteitscontroles (labels, certificaten) resulteren vaak in het omgekeerde van wat ze oorspronkelijk beoogden: een statische procedure die authentiek kwaliteitsstreven aan banden legt en in de kiem smoort. De strenge reglementeringsystemen in de wereld van de wijn zijn daar een mooi voorbeeld van. Kwaliteit is daarentegen, zoals ik onmiddellijk zal argumenteren, een dynamisch en vrij gebeuren.

Zen en de kunst van het motoronderhoud

Weinig denkers hebben op zo’n verlichtende manier nagedacht over kwaliteit als de Amerikaanse schrijver/filosoof Robert Pirsig. Als adolescent las ik met veel belangstelling zijn boek Zen en de kunst van het motoronderhoud, een onderzoek naar waarden. Pas na drie mislukte pogingen om iets zinnigs over wijn en kwaliteit te schrijven, herinnerde ik me de denkbeelden van deze bestseller uit 1974. Pirsig onderzoekt het kwaliteit tijdens het onderhoud van zijn motorfiets. Ik doe hetzelfde tijdens het drinken van een glas wijn.

Pirsig verzet zich tegen twee klassieke manieren om kwaliteit te benaderen: het objectieve en het subjectieve perspectief. De eerste invalshoek beschouwt kwaliteit als iets objectiefs, als kenmerk van het object. De definitie van kwaliteit door het Nederlands Normalisatie Instituut luidt bijvoorbeeld: het geheel van kenmerken van een entiteit dat betrekking heeft op het vermogen van die entiteit om kenbaar gemaakte en vanzelfsprekende behoeften te bevredigen. Deze kenmerken worden in officiële kwaliteitsnormen gegoten (bijvoorbeeld ISO). In diezelfde objectiverende lijn is wijn in de ogen van het Franse Institut National d’Origine et de Qualité pas goed als hij qua smaak welomschreven is, voortkomt uit een welomschreven gebied, gemaakt is van welomschreven druivelaars die geoogst zijn met een welomschreven opbrengst enzovoort. Niet te veel sulfiet, check, niet te veel vluchtige zuren, check, een wijn die beantwoordt aan alle voorwaarden van het cahier de charge, check. Het kwaliteitslabel AOP is binnen, we hebben een goede wijn in handen.

De tweede invalshoek ziet kwaliteit als iets subjectiefs, iets dat volledig afhangt van de persoonlijke evaluatie. De hoogst persoonlijke smaakbeleving is de maat van de kwaliteit. Wat jij als kwaliteit ervaart, is niet per se wat ik als kwaliteit ervaar. Onze beleving is verschillend, onze geest werkt anders. Kwaliteit is binnen dit perspectief alleen wat ik als lekker ervaar. AOP of landwijn, duur of goedkoop, dat maakt geen bal uit. Lekker is lekker. Punt.

Objectiviteit of subjectiviteit van wijnbeoordelingen

Nogal wat discussies over de kwaliteit van wijn pinnen zich vast op het thema objectiviteit versus subjectiviteit van wijnbeoordelingen of wijnquoteringen. Ook de wetenschap komt er niet uit. Exacte wetenschappen oordelen over de kwaliteit van wijn op basis van chemische of fysiologische eigenschappen, menswetenschappen relativeren of contesteren deze benadering door de klemtoon te leggen op kwaliteitsbeleving en psychologische, sociale en culturele factoren die erin meespelen. Iedere wetenschappelijke discipline kent zijn eigen benadering van kwaliteit maar geen enkel kan precies verwoorden wat een kwaliteitswijn is of moet zijn. Binnen het denkkader van Pirsig zijn discussies over objectiviteit of subjectiviteit zinloos. De verschillende vertogen of manieren van spreken vertrekken vanuit een Westers object-subject denken en leiden volgens Pirsig precies daardoor niet tot een bevredigend antwoord. Maar wat is kwaliteit dan wel?

Kwaliteit is …

De onmiddellijke ontmoeting van de mens met zijn omgeving is in wezen een beleving van waarden. Waarde en kwaliteit zijn twee woorden die voor Pirsig uitwisselbaar zijn. Zelfs een baby ervaart op zijn manier kwaliteit. Als communicatieve signalen van het prille kind op een positieve manier worden weerspiegeld in de liefdevolle reactie van de moeder, dan kan het zichzelf verliezen in lachen, opgewonden bewegen en spelen. Dit uitbundige plezier is teken van een kwalitatieve ontmoeting met de wereld. Kwaliteit is volgens Pirsig noch iets van het object, noch iets van het subject. Het is iets dat tussen wereld en persoon gebeurt. Het kwaliteitsgebeuren is onmiddellijk herkenbaar of voelbaar en pas nadien in rationele categorieën te vatten.

Kwaliteit vindt plaats op het moment dat de mens helemaal opgaat in zijn ervaring van de wereld. Iets bevalt, iets klikt, iets werkt of iets pakt en maakt ons enthousiast. Enthousiasme betekent etymologisch in God of vol van God zijn. Of ruimer: vol zijn van of één worden met de dingen waar men op gericht is. Pirsig laat zich in zijn filosofie van de Kwaliteit, zoals de titel van zijn boek aangeeft, inspireren door het Zenboeddhisme.

De queeste naar de hoogste kwaliteit

Echte wijnliefhebbers zijn vol van wijn. Het enthousiasme over het drankje is de bruisende bron van hun liefhebberij. Opgaan in een wijn, verzot zijn op een wijn, ontroerd zijn door een wijn of zijn hart verliezen aan een wijn zijn de illustere kernmomenten in een wijnliefhebbersleven. Emotie en intellect participeren in deze totaalbeleving nog ongescheiden. Wijnen die de mogelijkheid in zich dragen om mensen tot een dergelijke kwaliteitservaring te brengen, worden met recht en reden wijnen van hoge kwaliteit genoemd.

Kwaliteitswijnen hoeven niet iedereen tot een zintuiglijk hoogtepunt te brengen. Dat zou ze behaagziek maken. Sommige wijnen (zoals oxidatieve wijnen) moet je leren drinken voor ze je waardering wegdragen. Pas na een uitgebreide kennismaking kan het licht van de kwaliteit volop schijnen. Een begeesterde groep van liefhebbers en deskundigen op een queeste naar de hoogste kwaliteit is voor mij het beste publiek om een wijn op zijn kwaliteitsmerites te beoordelen. Ook in dit gezelschap is overeenstemming nergens voor nodig. Punten geven en de scores middelen om de (gemiddeld) beste wijn te vinden is geen goed idee. Als wijnliefhebber is het veel interessanter te weten welke wijnen welke proevers van hun sokken hebben geblazen en waarom.

Kwaliteit is iets ondefinieerbaars

Hoge kwaliteit moet voor Pirsig in essentie ongedefinieerd blijven. Hierdoor worden absolute waarheden vermeden. Geen enkele wijncriticus heeft de waarheid in pacht. De waarheid over goede wijn overstijgt alle rationaliteit en is per definitie niet grijpbaar, meetbaar of definieerbaar. We kunnen natuurlijk reflecteren over wat we als grote kwaliteit hebben ervaren. Wijnen die hoog worden aangeschreven hebben in vele gevallen een goede concentratie, veel subtiliteit, een lange afdronk, fraîcheur, een mooi evenwicht tussen alle geur- en smaakcomponenten en spreiden het zuiverste fruit, de grootse rijkdom en de meest diepgaande nuances en complexiteit tentoon. Maar als de klik tussen persoon en wijn niet plaatsvindt, dan zijn al deze kenmerken voor niks geweest. Denk maar aan die kunstmatig opgepepte wijnen die barsten van concentratie en gebrande eikaroma’s maar elke verfijning en typiciteit missen.

Hubrecht Duijker schrijft: “Bij een goede wijn doet de eerste slok je verlangen naar de tweede.” De kwaliteit van een wijn is af te toetsen aan de intensiteit van het verlangen dat die wijn doet ontbranden. De massa’s neutrale wijnen die door technologische middelen vlot drinkbaar zijn gemaakt, doen weinig mensen veel en veel mensen weinig. Ze hebben om die reden weinig kwaliteit.

De esthetische kwaliteiten van een grote wijn

Om ons helemaal in de zevende hemel te brengen, verlangen we in de wijn nog iets bijkomends, iets persoonlijks, iets karakteristieks dat moeilijk vast te pinnen is maar dat ons wel doet wegdromen. Men kan zich afvragen of de heugelijke ervaring van dit felbegeerde extra niet precies tot stand komt wanneer een wijn op onverwachte wijze van het ideale afwijkt. Zoals sproetjes de schoonheid van een vrouw nog extra benadrukken. Een subtiel balansverlies richting een teveel aan zuren die de wijn juist extra laat schitteren, een kleine verstoring van het pure fruit door een vleugje animaliteit dat het sublieme fruit juist in de verf zet, een vegetale penseelstreek die de zintuigen opwekt en nieuwsgierig maakt, een lichtjes prikkelende stroefheid die de uiterst verfijnde tanninestructuur van een wijn beklemtoont, een vriendschappelijk duwtje alcohol die de genereuze smaakoverrompeling compleet maakt.

Wijn is geen kunst maar als esthetica breder wordt gedefinieerd als leer van het Schone, dan zie ik geen reden waarom de wijn geen esthetisch voorwerp kan zijn en de beleving ervan geen esthetische ervaring. Wijnen van hoge kwaliteit zijn niet gewoon lekker, ze zijn gewoon subliem.

De kwaliteit van de wijndrinker

Het ontstaan van kwaliteit hangt niet alleen van de wijn af maar niet het minst ook van de drinker. De ontmoeting met een grote wijn vraagt tijd, veel aandacht, de juiste omstandigheden en de juiste ingesteldheid. De ontmoeting vraagt absolute openheid, zonder vooroordelen of vooringenomenheid. Herhaaldelijk wijnproeven en mogelijks een wijnopleiding stellen de proever in staat dieper in te zoomen op de betoverende drank. Maar als de liefde voor wijn zich niet ontwikkelt en openbloeit, dan is er, ook na jarenlange opleiding, weinig kwaliteit gewonnen. Sommige mensen hebben uit zichzelf een uitzonderlijk gevoelig smaakvermogen. Ze proeven niet met hun verstand, ze proeven vanuit hun ziel, zoals een kind. En dat is absoluut een voordeel.

Verstoringen van het kwaliteitsgebeuren tijdens het wijnproeven hebben niet zelden met het ego te maken. Men kan zo onzeker zijn over het eigen smaakvermogen - mogelijks door al dat opgeklopte wijngedoe - dat zintuigen volledig geblokkeerd geraken. Of men kan zo vol zijn van zichzelf dat het prestigieuze etiket en het sociale scoren de zintuiglijke ervaring volledig overbodig maken. Een zekere vorm van zelfvertrouwen is noodzakelijk wil men goed kunnen proeven. Overdreven zelfingenomenheid echter bedelft de kwaliteit van de wijn onder een berg van opschepperij en grootspraak. Blinde proeverijen zijn het eerlijkst voor de wijn. Het al dan niet idyllisch wijnverhaal kan het genot misschien nadien wat inkleden en begrijpelijk maken (of juist niet), misschien zelfs wat oppeppen (of juist niet), maar in den beginne is het de wijn en alleen de wijn die spreekt.

Wijnbouwers verschillen in kwaliteit

Geen kwaliteitswijn echter zonder een kwalitatief wijndomein. Bij een bezoek aan een wijnbouwer merk je snel of er kwaliteit in huis waart of niet. Wijnbouwers die zich laten meenemen door de wind van de kwaliteit vertellen op een beziel(en)de manier en laten je met glanzende ogen hun wijngaard zien en hun wijnen proeven. Ze praten niet alsof ze het goddelijke licht hebben gezien, veeleer zijn ze bescheiden en twijfelend. Een wijnbouwer maakt mede afhankelijk van de klimatologische omstandigheden talloze keuzes en iedere keuze kan een invloed hebben op het eindresultaat. Wijnmakers die hun druiven routinematig telen en hun wijnen volgens vaste patronen maken, kunnen wel eens lekkere wijn presenteren maar van kwaliteitsstreven is weinig sprake. Ze volgen het boekje, doen het werk misschien graag en verdienen er hopelijk hun brood mee. Gepassioneerd zijn ze niet en dat moet ook niet.

Voornamelijk die wijnmakers die elke stap van het wijn verbouwen tot in de kleinste details verzorgen, experimenteren, zich laten corrigeren, bijscholen of advies vragen, kortom zoeken naar het maximale dat ze uit hun wijngaard en wijnkelder kunnen halen, creëren het vaakst kwaliteit. Soms met een schitterende kleine wijn. Deze mensen hebben volledige vrijheid nodig om te doen wat ze moeten doen. Geen AOP- of andere regel mag de zoektocht naar de wijn die zij voor ogen hebben, tegenwerken. Alleen de regels van de kunst gelden! Het spoor van de kwaliteit wordt echter niet door iedereen gevonden. Het vergt creativiteit en intuïtie naast kennis en vaardigheid. Het vraagt talent en verlangen naar uitmuntendheid. Het vereist tijd (en geld).

Iedere wijnstreek heeft zijn bezielde wijnbouwers. Hun namen zijn vooral bekend bij wijnliefhebbers. Zij hebben aan den lijve ervaren dat het niet de wijnregio, niet de geologie, niet het klimaat en niet de ondergrond zijn die grote wijn voortbrengen. De natuur en haar typische terroir maken geen wijnen, zoals velen te gemakkelijk beweren. Zonder een voortreffelijke wijnbouwer of wijnmaker leiden deze potentiële kwaliteitsvariabelen tot middelmaat of helemaal tot niets. Wijnbouw is door en door cultuur, zoals het menselijke streven naar kwaliteit door en door cultuur is.

Verbondenheid of anonimiteit

Het succes van échte kwalitatieve wijnbouw leidt in vele gevallen tot authentieke verbindingen, tussen de wijnbouwer en zijn wijngaard, tussen de wijnbouwer en zijn wijnen, tussen de wijnbouwer en zijn klanten, tussen de klanten en de wijnen, tussen de klanten en de wijngaard. Kwaliteit die vrijelijk kan stromen, leidt in de filosofie van Pirsig tot meer complexe en waardevoller gehelen. Mens, wijn en natuur worden er beter van. Het is wellicht om die reden dat streekproducten meer en meer in trek komen. Die producten hebben een identiteit, een gezicht én een verbindend verhaal.

De meeste wijnen hebben weinig met kwaliteit, enthousiasme, verbondenheid of complexe gehelen te maken. Het zijn commerciële consumptieproducten, uitsluitend geproduceerd om te verkopen en winst te maken. De rekken van de grootwarenhuizen puilen uit van mooi geëtiketteerde prutswijnen. Ze zijn in het beste geval lekker maar ze missen karakter en ziel, zoals de hygiënisch netjes verpakte Gouda-kazen in de koelafdeling karakter en ziel missen. Het zijn anonieme producten, ze spreken niet en ze creëren niets. Ze perverteren de taal van de kwaliteit met gesofisticeerde middelen. Er is helemaal niets verkeerd met massaconsumptie, maar men moet weten dat er verschillen zijn. Kwaliteit heeft zijn prijs en anonimiteit heeft zijn prijs. Om misverstanden te voorkomen: grootwarenhuizen hebben ook goede wijnen en grootschalige producenten kunnen ook kwaliteitsbewust zijn.

Wijnhandelaars van alle soorten

De verspreiding van kwalitatieve wijnen is afhankelijk van de kwaliteit van de wijnhandel. Iedereen kan, ongehinderd door (een gebrek aan) kennis of kunde, wijn verkopen. Een wijnverkoper declameerde onlangs in geuren en kleuren dat zijn wijnen gemaakt zijn van bijzondere druiven. De druiven zijn geselecteerd, zo legde hij mij uit, op basis van speciale zuren die ze rond de pitten hebben. Iedereen die iets van wijn weet, ligt in een deuk van het lachen maar een doordeweekse wijndrinker gelooft zo’n verhaaltje. Mensen die deze onzin uitkramen, zijn een gevaar voor het vak van wijnhandelaar. Een kwalitatieve wijnhandelaar is een goed opgeleide en door wijn begeesterde mens, die weet waar de wijn vandaan komt en hoe hij gemaakt is. Hij kan proeven, selecteert streng en behandelt zijn producten met veel zorg en liefde. Commerciële compromissen naar kwaliteit maakt hij niet of moeizaam.

Een bezielde wijnhandelaar is herkenbaar doordat hij klanten aansteekt met zijn enthousiasme. Hij heeft een hart voor de wijnen in zijn gamma en hij heeft een hart voor de mensen die ze kopen. Zijn ultieme bevrediging vindt hij in het drinkgenot van zijn cliënteel en niet in de levensnoodzakelijke en welverdiende aangroei van zijn bankrekening. Wijnhandels die commerciële wegen vinden om hun kwaliteit vast te houden en uit te breiden, verdienen onze grootste waardering én onze centen. Er is volgens de filosofie van de Kwaliteit geen definitie van een waardevolle wijnhandelaar noch een handleiding om er één te worden. Pirsig’s advies zou zijn om vanuit het hart het spoor van de kwaliteit te zoeken, als wijndeskundige en als handelaar. Middelmaat is er al genoeg in de wereld.

Wie mag over wijn schrijven?

De tegenwoordig alom verspreide wijnschrijverij is een fenomeen dat in de 20e eeuw opflakkerde in Groot-Brittannië. De ontwikkeling van het wijnschrijven liep parallel met de democratisering van de wijn. Kwaliteitswijn werd een drank voor iedereen, niet alleen voor de gegoede burger. Dit is het klimaat waarin de beroemde wijncriticus en wijnschrijver Robert Parker groot werd. Wereldwijd wordt kwaliteit vaak gelijkgesteld aan zijn beoordelingscijfer op 100. Dat absolute punt is interessant voor de wijneconomie maar helaas nadelig voor de kwalitatieve doorgroei van de wijnbouw. Definiëringen en pogingen tot objectiverend meten van kwaliteit zijn, zoals gezegd, een kwalijk gebeuren! Samen met de democratisering van de wijn ontstond een democratisering van het wijnschrijven. Zoals iedereen wijn kan verkopen, zo kan iedereen over wijn schrijven en mag iedereen quoteren.

Sommige wijndrinkers zijn zo vol van het drankje dat ze erover moeten schrijven. Op het internet is er een explosie aan wijnblogs, de ene al beter dan de andere. Enkele wijnjournalisten of wijnschrijvers publiceren nog in kranten of tijdschriften en maken lastig te verkopen wijnboeken. Naar aanleiding van dit labyrint van wijngeschrijf rijst de vraag wie nu eigenlijk gerechtigd is om over wijn te schrijven. Toch niet iedere halve gare die eens een glas wijn heeft gedronken? Ondergraaft dat niet de kwaliteit van het wijnschrijven? Waar gaan we naar toe als iedereen over alles zijn ideeën en meningen publiek verspreidt?

Onderlegd en inspirerend schrijven

Mijn idee is dat iedereen over wijn mag schrijven. De wijnschrijverij is niet gediend met een gezellig onderonsje tussen wijnexperten. Kwaliteit hangt af van de inhoud, de manier waarop het schrijven gebeurt en niet van het studieniveau (WSET 1-5), het wijndiploma (sommelier-conseil) of de titel van de schrijver (Master of wine). Het spreekt voor zich dat wijnopleidingen de kennis, de ervaring en de achtergrond moeten bieden om iets degelijks over wijn te schrijven. Diploma’s geven de auteur dan ook een zekere autoriteit. Maar die autoriteit maakt hem nog geen competente, boeiende en inspirerende wijnschrijver. Autoriteit is iets dat je uiteindelijk ‘in het veld’ moet verdienen. Niet iedereen heeft het talent om te schrijven. Het zoeken van eerlijke feedback bij anderen kan al een flinke stap zijn richting zelfkennis. Belangrijk is dat wijnschrijvers correcte en geactualiseerde informatie bieden en daarvoor de nodige inspanningen leveren. Geen gemakkelijke opdracht in de razendsnel bewegende wereld van de wijn. En laat ons niet vergeten, de meeste schrijvers verdienen weinig of niets.

Enthousiasmeren en inspireren, dat is wat bevlogen wijnschrijvers vooral doen. Ze zijn gebeten door het thema en willen er alles over weten. Hoe het schrijven best gebeurt, dat kan niemand exact zeggen. Ieder doet dat op zijn eigen manier, volgens zijn eigen stijl. Het grote gevaar voor iedere wijnschrijver, en zeker voor zij die schrijven om den brode, is het verstrengeld geraken met de wijncommercie. Macht en geld (of een kistje dure wijn) kunnen netelige hindernissen zijn voor de vrije productie van kwaliteit. Een grote wijnschrijver moet een integere wijnschrijver zijn, iemand wiens tekstinhoud en wijnoordeel niet bepaald worden door diegenen die er belang bij hebben en ervoor willen betalen. Alleen een deontologische code en transparantie in het geval van onvermijdelijke contaminatie kunnen dit besmettelijke euvel verhelpen.

Kermit Lynch en anderen

Het meest inspirerend tot nu is voor mij het boek van de Amerikaanse wijnhandelaar Kermit Lynch 'Adventures on the wine route'. Lynch ademt werkelijk wijn als hij schrijft. Zijn tekst is meeslepend, leerzaam en bijzonder humoristisch. De combinatie van competentie, bevlogenheid en schrijftalent vind je maar weinig in de wereld van de wijn. Een uitmuntend en toegankelijk geschreven wetenschappelijk artikel dat nieuwe inzichten aandraagt, een tekst over een ontmoeting met een bijzondere wijnbouwer die leest alsof je er zelf bij was, een schitterende verwoording van een bijzondere proefervaring waarbij je de wijn doorheen de woorden zelf kan smaken, een verrassende reflectie over een actueel wijnfenomeen of een gevatte beschrijving van een interessant experiment met wijn en gerecht, in dergelijke teksten schuilt voor mij de geest van kwaliteit.

Lange lijsten wijnen met smaaktyperingen in vijf woorden en een beoordelingspunt zijn weinig waardevol. Deze lijsten zijn noch respectvol naar de wijn, noch naar de wijnbouwer. Ze functioneren als junkfood voor onzekere lezers die zich vastklampen aan een even verleidelijk als misleidend punt. Ze lokken competitie uit en zinloze vergelijking. Wel verdienstelijk zijn wijnbloggers, wijnjournalisten en andere wijnschrijvers die ons in eer en geweten en op persoonlijke en deskundige wijze informeren over interessante wijnen op de markt en beloftevolle wijndomeinen. Zij maken een podium voor nieuw talent en voor miskende wijnstreken. Zij brengen waardevolle verbindingen tot stand tussen wijnen, wijndrinkers, wijnbouwers, wijnstreken en wijnhandelaars. Zij brengen de goede wijn zonder pretentie bij de mensen. Ze zijn kritisch en authentiek. Kortom, zij stimuleren de ontwikkeling van Kwaliteit in de wereld van de wijn. Hubrecht Duijker is in het Nederlandstalige gebied een lichtend voorbeeld.

Als liefde voor wijn openbloeit in kwaliteit

Deze tekst over kwaliteit is per definitie gebrekkig en laat nogal wat vragen open. Het is mijn persoonlijke visie geïnspireerd door Pirsig, wiens abstracte metafysica ik de lezer graag bespaar. Andere visies op kwaliteit vind ik minder interessant of weinigzeggend. De wat droge maar niet onjuiste idee dat kwaliteit een door conventie bepaald, tijdsgebonden en door sociale klasse of cultuur gedetermineerd gegeven is bijvoorbeeld. Dat kwaliteit verbonden is met liefde en met enthousiasme valt niet door ingewikkelde berekeningen of diepgaande redeneringen te bewijzen. Het is een ervaringsgegeven dat zowel de exacte wetenschapper als de romanticus in zijn aanstekelijke greep kan houden. Minstens voor even en hopelijk voor lang.

Bronnen

Achterhuis, H. (2010). De utopie van de vrije markt. Rotterdam: Lemniscaat.
Duijker, H. (2010). De Duizend van Duijker. Houtem/Antwerpen: Spectrum.
Lynch, K. (1988). Adventures on the Wine Route: A Wine Buyer's Tour of France. North Point Press: New York.
Robinson, J. (2010). Jancis Robinsons Wijnencyclopedie. Nederlandse bewerking onder leiding van Cees van Casteren. Houten: Spectrum.
Pirsig, R. (1974). Zen and the art of motorcycle maintenance, an inquiry into values. New York: Bentam Books.
Soenen, S. (2012). De waarde van wijnquoteringen, wijnmedailles en topwijnen.
http://www.winetasting.be/nl/Info/WineTales/?art=42914
Verhaeghe, P. (2012). De neoliberale waanzin: Efficiënt, Flexibel en Gestoord. Gent: VUBPress

02 Apr 2013
Auteur: Stefaan Soenen